Laatst betrapte ik mezelf op zweverig geleuter. Dat wil zeggen, ik vond het zelf heel down to earth wat ik zei, maar mijn gesprekspartner had daar duidelijk twijfels bij. Nou heeft elk vak zijn jargon, en het mijne kan soms wat zweverig overkomen. Met zinsnedes als ‘dat resoneert als een malle’, ‘non-duaal gezien’ en ‘je frequentie verhogen’. Mooi gepraat, maar wat betekent het nou eigenlijk?

Resonantie
Is een term uit de muziek (en de techniek). Letterlijk betekent het her-klinken. Zoals sommige tonen van de gitaar kunnen herklinken in bepaalde delen van het (onbespeelde) drumstel, zo kan informatie ook resoneren. Je gaat meehuilen met een verdrietige vriendin, of wordt helemaal enthousiast van een bepaald plan. Wat er dan gebeurt is dat de informatie (van die vriendin of uit dat plan) bij jou iets raakt, zodat het in jou her-klinkt, resoneert dus. En dat roept gevoel op.

Vaak wordt het woord resoneren gebruikt als excuus om een keuze te verklaren: iets resoneert heel erg, of juist helemaal niet. En daarom doe je het dus, of juist absoluut niet. Maar daar zit een addertje onder het gras. Want resonantie kan op twee manieren herklinken: dissonant en harmonisch.

Harmonisch voelt goed. Hoewel wat er her-klinkt misschien wel van een andere toonaard is, vormt het een mooie samenklank. Bijvoorbeeld bij dat plan: jij kan iets anders dan de makers van het plan, dus jouw ideeën komen vanuit een hele andere invalshoek, maar het resoneert harmonisch, het vult elkaar aan tot een mooi akkoord. Een dissonante resonantie daarentegen schuurt, voelt onaangenaam en niet lang vol te houden. Zo kan het verdriet van die vriendin binnen in haar een dissonante resonantie zijn met iets. Als jij daar vervolgens harmonisch mee resoneert, mag het er zijn en kan het eventueel oplossen. Als jij er dissonant mee resoneert, bijvoorbeeld omdat het in jou ook verdriet raakt, dat schuurt met het verdriet van de vriendin, dan is dat voor de relatie meestal ook dissonant (niet harmonisch): er kan onbegrip ontstaan.

Dat je kiest om iets te doen wat heel erg resoneert is dus volkomen logisch! En dat je iets niet doet omdat het niet resoneert ook. Maar de vraag is: resoneert het niet of resoneert het dissonant? Als iets echt niet resoneert, dan wordt je er niet warm of  koud van. Het raakt je niet, je hoeft er niks mee. Maar resoneert het dissonant, dan raakt het je wel. Je wordt er wel degelijk (te) warm of koud van. En dat zou ook een reden kunnen zijn om het niet te doen natuurlijk, maar ook een indicatie dat daar iets zit waar je vaker op vastloopt, of een blinde vlek op hebt. Of je daar vervolgens iets mee doet hangt af van je ‘kijk’ of perspectief. Is dat dualistisch of non-dualistisch?

Dualisme en non-dualisme

Er kan heel gewichtig over gedaan worden, over ‘non-dualistisch ingesteld zijn’. Maar die gewichtigheid is dan eigenlijk juist een teken van een dualistische kijk. Eigenlijk is het vrij simpel: met een dualistische kijk neem je de wereld waar in tegenstellingen. Jij bent goed en hij is fout, of juist andersom natuurlijk. De anderen zijn hoog in rang en jij laag. Of jouw team is intelligent en de andere teams domme prutsers. Het is koud, dus je zet de verwarming hoger. Iets is of mooi of lelijk. De stoel is hard dus je legt er een zacht kussentje op, enzovoort en zo verder. Je zou dualisme kunnen beschrijven als of-of.

Mensen met een non-dualistische kijk, ook wel eenheidsbewustzijn, ervaren dat alles met alles verbonden is. Wat ze een ander aandoen doen ze zichzelf aan. Jij bent een andere ik, rangen en standen zijn maar uiterlijke manieren om mensen in te delen, maar aan het eind van de dag zijn we allemaal moe en allemaal mens. De temperatuur is onderdeel van het jaargetijde en daar kleed je je naar. Alles heeft wel iets moois en iets lelijks. En als de stoel en jij niet prettig samen gaan voeg je een ander element, een kussentje, toe om het aangenamer te maken. Etcetera. Je zou non-dualisme kunnen beschrijven als en-en. Dus als je gewichtig doet over in eenheidsbewustzijn verkeren, verkeer je er op dat moment even niet in. Want een non-dualistische kijk is niet beter dan een dualistische. Het neemt slechts een andere invalshoek. En ze zijn er allebei. In iedereen, op elk moment.

Hoe dat uitwerkt kunnen we mooi laten zien aan de hand van de resonantie. Stel ik kies ervoor iets niet te doen, ‘omdat het niet met me resoneert’, terwijl het me wel raakt, alleen niet zo positief. Niet harmonisch. Het dissoneert. Heb ik op dat moment een dualistische kijk, dan kan ik het wegstoppen als ‘fout’, ‘niet fijn’ en dus ‘onbelangrijk’ of ‘niet aan de orde’. Ik kan dissonante resonantie samen met het ontbreken van resonantie op een hoop gooien, namelijk het tegenovergestelde van harmonische resonantie. Maar heb ik op dat moment een non-duale blik, dan merk ik dat ik me niet prettig voel: er is dissonantie. Er is iets in mij geraakt. Hé, dat gebeurt misschien wel vaker bij dit onderwerp… wil ik dat laten gebeuren? Of wil ik dit onderwerp misschien niet langer uitsluiten uit mijn leven? Dan wordt het een bewuste keuze.

Misschien valt het je op dat ik beschrijf dat ik soms een duale soms een non-duale kijk op de dingen heb. Ik denk dat iedereen dat heeft. We zitten als mensheid in de uitbreiding van duaal met non-duaal. En het is heel duaal om te denken dat we met z’n allen van de ene op de andere dag ineens -paf- in het non-duale zouden kunnen zitten. Of dat een persoon die eenmaal een keer non-duaal heeft waargenomen nooit meer terugswitcht naar duaal. Tuurlijk wel! Want ze zijn er allebei. We worstelen allemaal met die twee manieren van kijken. En dat kan soms best botsen, ook in jezelf. Maar wat veroorzaakt nou die uitbreiding? En dat geswitch?

Frequentie

Ook zo’n vage term, is verantwoordelijk voor de uitbreiding (maar niet voor het geswitch, daar kom ik zo op). Letterlijk betekent frequentie ‘hoe vaak’ of ‘het aantal keren per tijdseenheid’. De frequentie van een bepaald geluid is dan dus uit te drukken als geluidsgolven per seconden (hertz).

Duaal gezien kan je de term frequentie dus voor allerlei meetbare dingen gebruiken: geluid, elektriciteit, energie, etc. Non-duaal gezien is alles energie en heeft alles dus zijn eigen frequentie. De frequentie van materie is heel laag en van licht heel hoog. Geluid zit daar ergens tussen. Onze zichtbare zintuigen zijn dan ook niets anders dan manieren om frequenties uit een bepaald bereik waar te nemen. Onze oren vangen geluidsfrequenties op (de oren van honden hebben een groter bereik dan die van mensen), onze ogen lichtfrequenties, onze neus geurfrequenties, onze tong smaakfrequenties en onze huid tastfrequenties. En waarschijnlijk hebben we nog een heel stel onzichtbare zintuigen voor allerlei buitenzintuigelijke informatie, zoals dromen, intuïtie, ingevingen, aanvoelen etc. (Die duaal gezien niet bestaan.)

Het frequentiebereik van de aarde vergroot al een hele tijd en we zitten op dit moment in een uitbreiding naar meer ‘zintuigen’. Dus waar de eerst helemaal in het duale frequentiebereik zaten komt het non-duale bereik er nu bij. Sommige mensen spreken van een frequentiestijging, en ook over het ‘omhoog brengen van je persoonlijke trillingsgetal’ (verhogen van je eigen frequentie), maar dat is de duale kijk: hoger is beter. Non-duaal gezien vergroot het frequentiebereik, zodat we zowel duaal als non-duaal kunnen waarnemen. Duaal gaat niet afgeschaft of onbereikbaar worden namelijk. Het blijft verrekte handig, bijvoorbeeld met kiezen. Je kan non-duaal nog zo alle verbanden overzien, je zal duaal de knoop door moeten hakken. Met andere woorden het en-en-frequentiebereik omvat het of-of-frequentiebereik.

Hoe komt het dan dat we allemaal steeds switchen tussen duaal en non-duaal? Het frequentiebereik wordt breder, en ieders frequentiebereik dus ook, maar waar ontvangen en vertalen we die frequenties mee? Met ons lijf en onze mind. En die zijn beide erg gewend geraakt aan het duale. Sterkte nog, ze zitten vol (stress)programmeringen die enorm het duale bevestigen, puur om te overleven. Want het non-duale is nieuw en soms doodeng! Vandaar dat in liefde en vertrouwen blijven juist op de cruciale momenten niet lukt: je automatische piloot gaat aan en je switcht terug naar duaal.  Door het oplossen van die oude programmeringen kan je het bredere frequentiebereik beter ontvangen en dus steeds meer non-duaal gaan waarnemen.

Zweverig?

Zomaar drie ‘zweverige’ termen die ik met hun beide voetjes op de grond heb geprobeerd te zetten voor je. Zodat het zweverige er af gaat en je er iets mee kunt. Laat hieronder even weten of het helderder voor je is geworden! En ook of je nog andere zweverige uitspraken weet die wel wat grond kunnen gebruiken. Wie weet beschrijf ik die in een volgend blog en ontstaat er een serie over zweverig geleuter!

Pin It on Pinterest

Share This