“Maar wat is dan het verschil tussen een groep en een stam?”, vraagt Daphne me als ik haar over mijn werk sta te vertellen. En meteen weet ik: dit wordt een blog. Wij zijn hier in het Westen namelijk zo ons stamgevoel kwijt dat het voor ons één pot nat is, groep of stam. (En dat terwijl voor mensen die in stammen leven het stamgevoel zó vanzelfsprekend is dat ze zich niet kunnen voorstellen dat wij dat niet (meer) hebben. Maar dat is een ander blog.) Dus het is helemaal niet gek dat ze het vraagt. Het komt voor mij hierop neer:

Een stam is altijd een groep, maar een groep is lang niet altijd een stam. En dat heeft niets met orde van grote te maken, maar met missende ingrediënten. In andere delen van de wereld is een groep (mits niet veel groter dan 50 mensen) namelijk altijd een stam.

Traditionele stammen
In ons moderne leven lijkt stam vrij onbelangrijk. Wij focussen ons meer op onze individuele weg: je carrière, je wensen en dromen, jouw eigen bucketlist. De tijd dat wij in stammen leefden is in onze beleving idioot lang geleden, en daarmee lijkt het vaak achterhaald. Hedendaagse stamculturen leven voor ons gevoel –en soms ook letterlijk- nog in de steentijd. En er sindsdien nogal wat vooruitgang geweest natuurlijk…

Toch zijn deze stammen in mijn ogen rijker dan wij. Misschien niet in geld en goederen. Misschien niet in toegang tot internet en informatie. Maar zij hebben dingen die wij zo kwijt zijn, dat we niet eens meer doorhebben dat we het missen. Dingen die niet te koop zijn: Zij hebben een onvoorwaardelijke onderlinge gelijkwaardigheid, waar je altijd in thuis bent. Zij hebben betekenisvolle tradities waarbinnen je je veilig weet en waardoor je kunt groeien als persoon binnen je gemeenschap. Zij weten wie hun voorouders waren soms tot wel meer dan 2500 jaar geleden.

Voorouders
Tsja, waarom zouden die voorouders jou iets kunnen schelen? Wij leven immers in een wereld waarin iedereen recht heeft op educatie (sterker nog, het is verplicht hier in Nederland). Dus het maakt niet meer uit wat je voorouders deden. Je hoeft geen marktkoopman of directeur meer te worden omdat je opa dat ook was. En je hoeft je baan niet meer op te zeggen omdat je ging trouwen, zoals je oma moest. En ook dat is een groot goed. Maar wat als je je individualiteit kon bouwen op de trots van je voorouders? Wat als je je eigen unieke ik kon zijn omdat je dat voorgeleefd is in eeuwenlange tradities. Dan hoefde je niet op zoektocht naar ‘wie je werkelijk bent’. Dan weet je dat. Vol trots, want je bent een dochter of zoon uit jouw geslacht. Niks geen familie schaamte of –geheimen. Die werden (en worden!) in traditionele stammen namelijk opgelost. Want dat is de enige manier om de stam voort te kunnen laten bestaan. Zeker in tijden van schaarste.

Schaarste
Mensen hadden hun stam nodig om te overleven. In je eentje redde je het niet. Verstotenen waren aan de natuurgoden overgeleverd (maar dan moest je het wel heel bont gemaakt hebben, want verstoten is een teken van een stam die uit balans is!). Dus een stam zorgt voor elkaar. Ook als de oogst mislukt is, juist dan! Maar schaarste kennen wij niet meer. Wij gooien tegenwoordig 700 miljoen kilo goed voedsel weg per jaar, in Nederland alleen (bron)… Er is genoeg en dus lijkt het alsof we elkaar niet zo heel dringend nodig hebben. Maar niets is minder waar. Problemen als eenzaamheid, depressie, burn-out, maar ook criminaliteit ontstaan waar verbinding ontbreekt. En daar hebben wij een groot gebrek aan. Wel schaarste dus, maar sociale schaarste. Wij zijn hier slechts individuen, als je ons samen zet worden we een groep, maar echt niet zomaar een stam…

Groepen en stammen in onze samenleving
In onze samenleving is het lastig voor stammen. Een stam is van nature heterogeen: alle leeftijden, kwaliteiten en menstypes door elkaar. Maar onze maatschappij is anders ingericht. Wij stellen groepen juist het liefste samen door mensen homogeen in te delen. Kijk maar naar de standaard schoolklassen (ingedeeld op leeftijd, niveau en later ook nog op interesse (profiel)) en veel kantoren (afdelingen ingedeeld op werktype, die vaak slecht met andere afdelingen communiceren, binnen een hiërarchische structuur). Wat zou er gebeuren als je van alle afdelingen van zo’n bedrijf de mensen heterogeen over verschillende groepen zou verdelen? Dat er in elke groep een directie- of bestuurslid met diverse werknemers, van alle afdelingen tot de postkamer en de kantine aan toe, samen zouden zitten? Hoe zouden de gesprekken dan lopen?

Groepen zonder stamgevoel
In groepen waar geen stamgevoel heerst ontstaan vaak allerlei problemen. Omdat er geen balans is tussen de leden van de groep. Dit veroorzaakt hiërarchische ongelijkheid, wantrouwen, uitsluiting, subgroepvorming, pestgedrag. Om dat binnen de perken te houden stellen we dan allerlei documenten op (regels, contracten, pestprotocollen, sexual harassment policies, samenscholingsverboden). Maar die lossen het onderliggende probleem van gebrek aan stamgevoel niet op. Sterker nog stamgevoel wordt in onze maatschappij gezien als iets gevaarlijks. Je zou bijna van een taboe kunnen spreken.

Taboe
De overblijfselen van stam die wij hier nog kennen hebben een slechte naam: gangsters, mobsters, bendes, moeilijke klassen, hooligans, hangjongeren, sektes, etc. Deze woorden hebben impliciet in hun definitie staan dat groepen nooit echt helemaal onder controle te houden zijn. Als je niet oppast slaan ze los, overtreden ze de wet en zijn ze gevaarlijk voor de openbare orde… Bij deze groepen is echter altijd sprake van een overblijfsel van het originele stamgevoel: het is niet compleet, er mist wat, deze groepen zijn uit balans. Wordt deze balans hersteld, dan is dat voor zowel de groep als de omgeving een opluchting. Iets wat moeilijk te realiseren is zolang er een taboe rust op dit soort groepen.

Ook zijn er nog geaccepteerde groepen: familie, vrienden, collega’s, hobby-genoten (verenigingen). Deze groepen zijn niet taboe, daar mag je gerust toe behoren. Maar niet te lang. Als je te veel tijd met deze groep door gaat brengen wordt er toch raar gekeken. Denk maar aan een man van 37 die nog bij zijn ouders woont. Een familie die met alle neven en nichten en ooms en tantes bij elkaar woont (“die zullen dan wel uit een andere cultuur komen” – hier is het ‘not done’). En als je meer tijd dan gemiddeld met je vrienden, collega’s of op je vereniging doorbrengt dan is er iets mis met je (of met de relatie tussen jou en je partner). Er moet een ongezonde reden zijn dat je die groepen zoveel opzoekt! Een teveel/te lang in groepen-taboe dus.

Toch zit het echt in onze natuur om samen te leven in stammen. De mens is nu eenmaal een sociaal dier. Alleen hebben wij hier in het Westen nogal wat trauma’s rond dit thema opgelopen door de geschiedenis heen. We zijn steeds individueler geworden.

Misschien is er daarom wel zoveel angst voor vluchtelingen, omdat we voelen dat onze stam los zand is vergeleken bij de saamhorigheid die onze kant op komt, maar waar wij niet bij horen. Door ons individualisme zijn we per definitie afgesneden van de stam, welke dan ook. En dat veroorzaakt dat we ons bedreigd voelen. Niet eens zozeer door de stammen die uit andere culturen naar de onze komen (al kunnen we die bedreiging natuurlijk wel heel makkelijk op hen projecteren), maar wel door ons gevoel nergens echt bij te horen. Waar het om gaat is dat we ons gaan beseffen dat een stam-in-balans een idioot groot goed is. Of zo mooi in het Engels: You need a tribe to thrive! Tijd dus om dat weer in te gaan brengen in onze cultuur. Op een nieuw manier.

Onmogelijk
Dat lijkt misschien onmogelijk te realiseren. Zinkt de moed je al in de schoenen als je bedenkt hoe je dit moet realiseren in de groepen in jouw leven (je collega’s, familie)? Bedenk dan dat je misschien wel opgegroeid bent in een individuele maatschappij, maar dat het stamgevoel veel dieper verankert ligt in onze natuur. Het is zelfs wetenschappelijk bewijsbaar (Rupert Sheldrake maakt daar zijn levenswerk van al noemt hij het anders dan ik nu doe), en in je gevoel klopt dit zoveel meer dan hoe we het nu doen! (Mocht je nu denken: “voor mij niet”, kan het dan kloppen dat je een (of meer) onprettige ervaring(en) hebt gehad met een groep die niet in balans was? Hoe zou het zijn gegaan als die groep wel in balans was geweest?) Een groep in balans wordt een stam, dat is een natuurlijk evenwicht wat zich wil herstellen. En daarbij spelen veel grotere krachten dan jij in je eentje kan opbrengen: je hoeft het dus echt niet alleen te doen. Je hoeft misschien alleen maar de aangever te zijn, zodat de disbalans uit het slot kan komen.

Nieuwe stammen
We zouden het als een groot verlies kunnen beschouwen dat we hier in het Westen het stamgevoel zijn kwijtgeraakt. En het biedt ook juist een mooie mogelijkheid. Want geen einde zonder een nieuw begin! Er worden nieuwe stammen geboren. Niet gestoeld op één eeuwenoude traditie in een bepaald gebied op aarde, zoals dat bij de traditionele stammen het geval is. Maar op het natuurprincipe stam: de kracht die ook een school vissen of een roedel herten samenhoudt.

Deze nieuwe stammen kunnen mensen bevatten van alle achtergronden, leeftijden, culturen en werelddelen. Zolang ze zich maar aan elkaar verstaanbaar kunnen maken – en dat hoeft, in tegenstelling tot de tijden van de Babylonische spraakverwarring, geen probleem meer te vormen tegenwoordig. Met internet is zelfs afstand geen obstakel meer. En zolang ze maar hetzelfde doel voor ogen hebben en voor alle basis-ingrediënten zorgdragen doet het natuurprincipe van de stam de rest. Wil je dit zelf ervaren? Dat kan in de dagworkshop TRIBE!. Je ervaart stam, ontdekt je eigen (sleutel?-)positie en leert de basisprincipes die een stam in balans houden, zodat je ze zelf kunt gaan toepassen! Lees hier alle informatie over deze workshop.

Heb je een groep waar je een stam van wilt maken, maar weet je niet hoe, en doe je dit liever meteen met die groep i.p.v. in je eentje bij de TRIBE! dagworkshop? Neem gerust en vrijblijvend contact op over een workshop of traject speciaal voor jouw groep. Ik kijk graag met je mee!

 

 

Pin It on Pinterest

Share This